Françcoise Chombar Win For Life Boek

Haar voorwoord voor dit boek

De groei is dood.

Leve de groei!

Door Françoise Chombar.

 

In 1945 lag Europa in puin. Onze ouders en grootouders hadden een droom: een vredevol, verenigd en welvarend Europa. Ze schoeiden een sociale zekerheid op een leest van nooit geziene solidariteit. De economische groei deed de rest. Gedurende bijna een halve eeuw groeiden productiviteit en inkomen hand in hand. Wij hier in Europa maakten deel uit van de geïndustrialiseerde wereld en van de slechts 15% van de wereldbevolking die het geluk van deze groei hebben gekend. Het was een tijd van inclusieve welvaart en vrede gebouwd op en door samenwerking van mensen en landen. Het nieuwe millennium was plotseling een andere wereld. Automatisering en informatisering deden de productiviteit verder stijgen, maar de loontrekkende profiteerde daar niet van. De crisis van 2008-2009 deed de rest. Vele jobs verdwenen en naarmate de economie weer aantrok, volgde de werkzaamheidsgraad niet dezelfde tred.

Naarmate de economie gespecialiseerder wordt, vallen meer en meer mensen uit de boot. Vele jobs van vandaag zullen morgen niet meer zijn. Vele jobs van morgen kennen we vandaag nog niet. De enige zekerheid is dat er minder en minder jobs zullen zijn en dat meer en meer jobs technische, technologische, digitale vaardigheden zullen vereisen.

De groei is veranderd. De wereld is veranderd en zal blijven veranderen. Ons systeem moet logischerwijs mee veranderen. De modellen van gisteren zullen ons net zo min helpen in het voorspellen van de toekomst, want de premissen verrassen ons telkens weer. Net als na WO II zou ik verwachten dat wij weer de moed en de kracht opbrengen om visionair te handelen. Automatisering, informatisering, robotisering, artificiële intelligentie, alle technologische vooruitgang heeft meer positieve dan negatieve effecten voor het welzijn van mens en planeet. De toekomst kan beter zijn dan algemeen wordt gedacht. Onze kinderen kunnen het beter hebben dan wij. We mogen die gezonde aspiratie koesteren, meer nog, we moeten die actief koesteren en in de praktijk omzetten. Technologische vooruitgang kan ons helpen om energie goedkoop en schoon en overvloedig te maken, om iedereen toegang te geven tot een gezond en productief leven, om honger te bannen, om onderwijs voor iedereen toegankelijk te maken en dus iedereen, zoveel als het enigszins kan, gelijk aan de start te laten komen. Onze geïndustrialiseerde wereld is er in alle geval rijk genoeg voor (en na verloop van tijd kan dat ook voor de hele wereld zo worden).

 

Dit boek toont aan dat het kan

Niemand kiest ervoor om geboren te worden. Nog minder kunnen we als baby kiezen in welk gezin we terechtkomen. Als maatschappij vind ik dat jij en ik ons collectief verantwoordelijk moeten voelen voor ieder leven, van wieg tot graf. Vaker dan niet is zowel armoede als rijkdom erfelijk. Niet al onze kinderen komen gelijk aan de start. Helaas. Terwijl onze maatschappij rijk genoeg is om iedereen een springplank te geven.

Voor mij zijn er twee principes die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en elkaar versterken, als yin en yang: vrijheid en verantwoordelijkheid, en ze gelden voor de individuele mens en voor de gemeenschap van mensen. Zodra je geboren wordt, heeft de gemeenschap van mensen de verantwoordelijkheid om voor je vrijheid te zorgen. Zodra je zelf keuzes kunt beginnen te maken, heb je de verantwoordelijkheid als deel van de gemeenschap om je vrijheid ten goede in te zetten en dus niet alleen resources te gebruiken, maar er ook te produceren. Een universeel, onvoorwaardelijk basisinkomen, individueel uitbetaald aan elk van ons, maakt deel uit van deze mix en is doordrongen van milde gemeenschapszin.

 

Dit boek toont ook aan dat het moet

Darwin leerde ons dat aanpassen gelijkstaat aan overleven. De wereld verandert en oude paradigma’s hinderen onze ontwikkeling. Als ons mensencollectief wil overleven, dan moet het zich aanpassen. Als onze economie wil overleven, dan moet ze zich aanpassen. Als jij en ik onszelf geciviliseerd en waardig willen blijven noemen, dan is er geen betere manier dan iedereen dezelfde kansen te geven. Iets willen bereiken is eigen aan elke mens. Het beste bewijs is hoe een baby leert lopen, leert praten, op ontdekkingsreis gaat en steeds weer nieuwe dingen vindt en doet. En het mooie aan ons mens-zijn is dat jij en ik allemaal andere talenten hebben. We hebben elkaar nodig om een maatschappij te bouwen.

Een dynamische en constructieve maatschappij gebaseerd op een groeimindset waar ieder baas is over zichzelf is realiseerbaar. Een basisinkomen geeft je een voorspelbare zekerheid dat je waardig kan leven en dat je leven er terzelfdertijd nog beter kan op worden als je productief samenwerkt met anderen. Een basisinkomen scherpt zowel je verantwoordelijkheidszin als je vrijheid aan. Het geeft je grip op je toekomst. Het ‘koopt’ je de mentale ruimte om zelf goeie beslissingen en soms ook risico’s te nemen. Als je je inkomen onverantwoordelijk beheert, is er echter ook geen instelling meer bij wie je je hand nog eens kunt ophouden. Je wordt dus aangespoord om je gedrag te veranderen als je je leven een andere wending wil geven. De sociale druk, maar ook de sociale cohesie en de sociale mobiliteit worden versterkt. Dat herstelt een gemeengoed dat vandaag vele mensen missen. Het zorgt tegelijk voor innovatie, creativiteit, ondernemingszin en dus voor duurzame economische groei. Inkomen zorgt voor koopkracht en een economie groeit alleen als er voldoende mensen voldoende vraag creëren. Hoe kleiner de inkomensongelijkheid, hoe duurzamer de economische groei. Als het basisinkomen ieder individu een levenslange bescherming biedt en voor een sociaal en economisch efficiënte en dynamische maatschappij zorgt, wie kan er dan nog tegen zijn?

Het alternatief is verder toelaten wat er vandaag wereldwijd aan het gebeuren is. Vandaag al bezit 10% van de wereldbevolking 85% van alle rijkdom, maar het bovenste topje is pas echt extreem: slechts 91 000 mensen of 0,0013% van de wereldbevolking bezitten een derde van alle rijkdom. De armste helft van de wereldbevolking bezit slechts 1%. Zonder actief ingrijpen is het verder uiteendrijven van enerzijds een steeds kleinere en rijkere elite en anderzijds een steeds grotere en armere meerderheid onvermijdelijk. Deze laatste wordt alsmaar (terecht) onzekerder over de toekomst en ook alsmaar bozer, waardoor de elite zich meer en meer gaat afschermen, vandaag met muren en milities, morgen met robots. Die boosheid wordt vandaag al gretig en schaamteloos misbruikt door zowel cynische politici als nietsontziende terroristische groeperingen. Zij streven alleen het eigenbelang van zichzelf en hun zelfverklaarde elite na, niet die van de boze meerderheid. Het fast-forward alternatief is een dystopisch scenario dat ook in vele boeken en films opgevoerd wordt, van Brave New World tot Elysium en The Hunger Games. Ik wil in zo’n maatschappij niet wakker worden en ik wil ook mijn kinderen en kleinkinderen niet tot zo’n maatschappij verdoemen.

 

Daarom is dit boek van levensgroot belang

Nele Lijnen is een politica met een vandaag al te schaars talent: politiekvoeren met een visie op overmorgen en daarvoor vandaag zowel de kleine als soms ook de grote stappen te zetten ten voordele van het publieke goed. Ik geloof dat we dergelijke politieke moed heel erg nodig hebben in deze tijd van cynisme, chagrijn en nostalgie naar een vals verleden. En ik geloof in Nele als mens van niet alleen goede wil, maar ook van effectieve daad. Ze verdient het gehoord te worden. Ze verdient het te wegen op het debat. Ze doet dat ook al, en met veel verve. En velen met haar.

 

Dit boek bewijst het

Ik geloof in de kracht van mensen. De toekomst kan beter zijn dan je denkt. Er is reden tot hoop. Rechtvaardigheid en het goede leven blijven binnen handbereik. Meer inclusiviteit en meer samenwerking tussen mensen en landen is de weg ernaartoe. Het is zowel ons recht als onze plicht. Het is zowel onze vrijheid als onze verantwoordelijkheid.

“Want de wereld is in slechte staat, maar alles zal nog erger worden tenzij ieder van ons zijn uiterste best doet.”

Een overlevende van de Holocaust schreef dit in 1945 en ik, die tot nog toe het geluk van vrede en vrije meningsuiting heb gekend, had het net zo goed vandaag kunnen schrijven. Nele en ik doen dus ons uiterste best en dat iedere dag opnieuw.

 

Françoise Chombar

December 2016